acf domain was triggered too early. This is usually an indicator for some code in the plugin or theme running too early. Translations should be loaded at the init action or later. Please see Debugging in WordPress for more information. (This message was added in version 6.7.0.) in /var/www/vhosts/battoui.nl/httpdocs/daliel/wp-includes/functions.php on line 6131wordpress-seo domain was triggered too early. This is usually an indicator for some code in the plugin or theme running too early. Translations should be loaded at the init action or later. Please see Debugging in WordPress for more information. (This message was added in version 6.7.0.) in /var/www/vhosts/battoui.nl/httpdocs/daliel/wp-includes/functions.php on line 6131Het bericht Kritisch of roekeloos? Over lekenwetenschap verscheen eerst op Daliel.
]]>
‘Pick and choose’
Als we blijven bij het voorbeeld, dan valt de term “medisch scheikundige” op. Alsof onze appgroep deelnemer wilde zeggen: Deze man weet waarover hij praat. Aan het benoemen van die studieachtergrond om de mening kracht bij te zetten zit echter ook een andere kant, namelijk dat je dat kennisgebied dan ook daadwerkelijk serieus moet nemen. En dat doe je niet wanneer je zonder kennis van zaken al die andere wetenschappers en artsen (de meerderheid), die overeenkomen dat de bij ons bekende vaccinaties een goede zaak zijn, naast je neerlegt. Het is alsof onze leek zegt: ‘De mening van deze geleerde is sterker dan de mening van die andere geleerden!’ Op basis van wat velt onze leek dit oordeel? Zo’n persoon slaat in werkelijkheid geen acht op het medische kennisgebied en neemt het niet serieus, tenzij de “dr.” verkondigt wat hij zelf ook vindt. In werkelijkheid neemt hij vooral zijn eigen mening serieus. Let op: dit is geen reclame voor vaccinaties, maar een kritiek op hoe sommigen te werk gaan bij dit soort kwesties.
Islam en informatie/conclusies
Interessant is dat de islamitische theologie veel waarde hecht aan een correcte methodologie om tot een oordeel te komen. Denk bijvoorbeeld aan de wetenschap van usoel al-fiqh. Voordat een geleerde tot een oordeel komt, moet deze op zoek naar informatie in de islamitische bronnen, maakt hij onderscheid tussen wat meer en minder betrouwbaar is (bijvoorbeeld sterke versus zwakke overleveringen), raadpleegt hij werken van eerdere geleerden, neemt hij consensus in ogenschouw en baseert hij zich op bepaalde principes/stelregels. Noemenswaardig is dat betrouwbare informatie hier pas het begin is. Om tot de juiste conclusie te komen, moet de geleerde goed weten hoe met de beschikbare informatie om te gaan. Hetzelfde geldt voor bijvoorbeeld de wetenschap van Koranexegese (tafsier). Oftewel, de Islam is voor een groot deel gebouwd op enerzijds het identificeren welke informatie correct/betrouwbaar is en welke niet (en wat dus als bron gebruikt kan worden, zoals in de hadieth-wetenschappen), en anderzijds kennis over hoe, op basis van de juiste informatie, tot de juiste conclusie te komen. Juist een moslim zou dit proces en de expertise die het dikwijls vereist daarom moeten kunnen waarderen. Het is makkelijk om op basis van in principe correcte informatie, tot foute conclusies te komen. Dit geldt zeker ook voor vele complexe hedendaagse (niet-religieuze) vraagstukken. Overigens is het mogelijk dat mensen met expertise op basis van dezelfde informatie tot verschillende conclusies komen. Dit bestaat volop binnen de islamitische jurisprudentie, en ook daarbuiten als het gaat om bijvoorbeeld (corona)beleid. Dit zou niemand ongemakkelijk moeten maken en geen reden moeten zijn tot wantrouwen. Het is een goed teken dat mensen met verstand van zaken elkaars visie kritisch tegen het licht houden. Het is een natuurlijk gevolg van de complexiteit van dit soort zaken, dat beschikbare informatie niet altijd leidt tot eenduidige conclusies. Dit is niet iets nieuws en is van alle tijden.
Maar ik wil me toch mengen…
Iemand kan zeggen: Het is voorgekomen dat theorieën of ideeën die niet breed geaccepteerd waren in de wetenschappelijke gemeenschap, later toch correct bleken te zijn en mainstream werden. Zou ik of degene wiens mening ik verspreid, niet ook zo iemand kunnen zijn? Een aantal opmerkingen hierover:
Kritisch zijn in hedendaagse vraagstukken op zich is niet het probleem en dit stuk is geen ontmoediging daarvan. Om af te sluiten dus wat gedachten om mee te nemen:
Het bericht Kritisch of roekeloos? Over lekenwetenschap verscheen eerst op Daliel.
]]>Het bericht Grip op excessief schermgebruik verscheen eerst op Daliel.
]]>De afgelopen twee decennia zien wij een explosie in gebruik van digitale technologie (Pandya & Lodha, 2021). Hierdoor is het onderhouden van sociale contacten steeds gemakkelijker geworden. Waar we voorheen mensen alleen konden bereiken op de vaste telefonie, is het nu mogelijk om altijd en overal mensen te contacteren. Ook is sinds de intrede van de nieuwe media, ook wel sociale media genoemd, het steeds gemakkelijker om het leven van mensen nauw te volgen. De (digitale) wereld lijkt aan onze voeten te liggen; de mogelijkheden lijken oneindig. Wij nemen je graag mee in dit artikel om samen te bekijken of deze heuse verandering wel zo goed is voor onze mentale, fysieke en spirituele gesteldheid. Ready?
Toename schermtijd
Uit onderzoek is gebleken dat in de afgelopen jaren de schermtijd – de hoeveelheid tijd dat wij op onze schermen kijken – significant is toegenomen (Radtke, Apel, Schenkel, Keller & von Lindern, 2021). Daarnaast is er op dit moment een andere verontrustende trend gaande. De COVID-19 uitbraak heeft er namelijk voor gezorgd dat miljoenen mensen, over de hele wereld, genoodzaakt zijn om thuis te blijven, om zichzelf – en de mensen om hen heen – te beschermen tegen de verspreiding van het coronavirus. Dit gaat helaas ook gepaard met een toename in gebruik van digitale middelen. Vele face-to-face momenten hebben plaats moeten maken voor online bijeenkomsten. Denk hierbij aan vergaderingen, lessen en andere sociale activiteiten die nu via een online communicatieplatform gehouden moeten worden. We zien niet alleen een stijging van schermtijd onder volwassenen, maar ook onder kinderen (World Health Organization, 2020). Waar we voorheen gemiddeld zo’n 3 uur op een dag op onze smartphones zaten, wordt dit aangevuld met een x aantal extra uren aan schermtijd. Dit is zorgwekkend, want uit onderzoek is gebleken dat een hoge schermtijd schadelijk kan zijn voor de gezondheid (Pandya & Lodha, 2021).
Gezondheidseffecten
Wetenschappers hebben kunnen aantonen dat een gemiddelde schermtijd van 10 uur, een breed scala aan lichamelijke problemen kan veroorzaken. Voorbeelden hiervan zijn hoofdpijn, vermoeidheid, concentratieproblemen, slapeloosheid, sensitiviteit voor licht en het hebben van brandende, jeukende of droge ogen. Ook kan excessieve schermtijd leiden tot langdurig inactief zitgedrag. Dit kan resulteren in gewichtstoename, lichaamspijnen en een slechte houding. Op de lange termijn kan een ongezond zitgedrag een aanleiding zijn voor verscheidene andere problemen zoals obesitas, diabetes en hart- en vaatziekten (Lohi, Thakre, Meshram, Meshram & Muley, 2021; Nagata, Magid & Gabriel, 2020; Stiglic & Viner, 2019). Vanuit de mentale invalshoek zien wij helaas ook een reeks aan negatieve mentale gezondheidsuitkomsten door excessief schermgebruik. Denk hierbij aan psychische problemen, zoals emotionele instabiliteit en het risico op depressie of angst (Pandya & Lodha, 2021; Stiglic & Viner, 2019). Er zijn ook aanwijzingen dat overmatig gebruik van smartphones het risico op gedragsstoornissen, emotionele en cognitieve stoornissen bij adolescenten en jongvolwassenen kan verhogen. Dit is verontrustend, gezien wetenschappers ook verwachten dat dit het risico op vroege dementie op de late volwassenheid kan vergroten (Neophytou, Manwell & Eikelboom, 2021).
Actief versus inactief schermgebruik
Wij kunnen er niet omheen: een deel van onze schermtijd is noodzakelijk, hetzij voor werk of educatie, hetzij voor andere belangrijke doeleinden. Het is in deze tijd daarom bijna onmogelijk om onze schermtijd te reduceren naar bijna niets. En dat is ook niet iets wat van je verwacht wordt. Wat wel van je verwacht wordt, is dat je als moslim inzicht probeert te krijgen in wat degelijk het verschil kan maken in je eigen leven. Wat je hierbij kan helpen is om te kijken hoe jij gebruik maakt van je digitale apparaten. Een interessante wetenschappelijke bevinding is dat er een verschil blijkt te zijn tussen het actief gebruiken van digitale apparaten en het passief absorberen wat er op het scherm staat (Pandya & Lodha, 2021; Winther & Byrne, 2020). Ongereguleerde hoeveelheden schermtijd blijkt te kunnen leiden tot nadelige effecten op je gezondheid, terwijl gereguleerd, rationeler gebruik juist tot positieve resultaten kan leiden. Zo is bijvoorbeeld het doelloos scrollen door een paar foto’s op Instagram minder gereguleerd en rationeel dan het actief deelnemen aan een online training over gezonde voeding. Vanuit de Islam leren wij ook dat wij niet doelloos en irrationeel om moeten omgaan met onze kostbare tijd. Zo zei imam Ibn al-Qayyim, een grote islamitische geleerde:
Het verspillen van tijd is erger dan de dood. Want het verspillen van tijd berooft je van Allah en het Hiernamaals, terwijl de dood je wegneemt van de dunyaa (het wereldse leven) en haar mensen.’’ – al-Fawaa`id, Ibn al-Qayyim
Digitale detox
De afgelopen jaren vliegt het woord ‘detox’ ons om de oren. Zo kennen wij de welbekende detox kuren om bijvoorbeeld onze lever, darmen en nieren te ontdoen van alle gifstoffen. Geloof het of niet, maar nu lijkt er ook een detox te bestaan die je helpt jezelf te ontzien van onnodige digitale belasting. Met een digitale detox probeert men voor een bepaalde periode af te zien van het gebruik van digitale apparaten, om zo de schermtijd te reduceren (Pathak, 2016; Radtke et al., 2021). Ondanks dat onderzoek naar digitale detox nog in de kinderschoenen staat, zijn er bepaalde wetenschappers die digitale detox zien als een mogelijk veelbelovende interventie voor het verminderen van de schermtijd (Schmitt, Breuer & Wulf, 2021). Er zijn echter ook wetenschappers die wat sceptisch zijn. Ze zien digitale detox momenteel nog niet als uitkomst. Er is helaas op dit moment nog te weinig wetenschappelijk onderbouwd, waardoor het nog te pril is om conclusies te kunnen trekken hieruit (El-Khoury, Haidar, Kanj, Bou Ali, & Majari, 2021; Radtke et al., 2021). Maar wees niet getreurd. De huidige wetenschap probeert steeds meer aandacht te schenken aan hoe men op een gezonde manier digitale middelen kan gebruiken en welke interventies er eventueel toegepast kunnen worden om ons digitaal welbevinden te verbeteren.
Conclusie
Al met al kunnen wij concluderen dat wij zorgzamer onze tijd moeten spenderen in de digitale wereld om zo ons lichaam en onze geest geen mogelijke schade te berokkenen. Het is als eerst dus raadzaam om voor jezelf uit te zoeken in hoeverre je doelloos gebruik maakt van jouw smartphone, tablet, laptop en andere digitale apparaten. Het is daarna goed om te kijken hoe je rationeler en gereguleerder met je digitale middelen om kunt gaan. Wees je ervan bewust dat het onmogelijk is om meteen het tij te keren. Een effectieve verandering zit hem namelijk in kleine, structurele aanpassingen. Je hoeft bijvoorbeeld niet in één keer volledig af te stappen van alle sociale mediakanalen, maar je kan wel proberen om bij jezelf te ontdekken of er bepaalde ongezonde patronen zijn waar je aan wilt werken. Kleine aanpassingen kunnen namelijk al een groot verschil maken.
Referenties:
El-Khoury, J., Haidar, R., Kanj, R. R., Bou Ali, L., & Majari, G. (2021). Characteristics of social media ‘detoxification’in university students. Libyan Journal of Medicine, 16(1), 1846861.
Lohi, R. R., Thakre, M. S., Meshram, M. R., Meshram, K., & Muley, P. (2021). Excessive Screen Time and Effects on Human Health & Development. Annals of the Romanian SocietCell Biology, 7241-7245.
Nagata, J. M., Magid, H. S. A., & Gabriel, K. P. (2020). Screen time for children and nadolescents during the coronavirus disease 2019 pandemic. Obesity, 28(9), 1582-1583.
Neophytou, E., Manwell, L.A. & Eikelboom, R. Effects of Excessive Screen Time on Neurodevelopment, Learning, Memory, Mental Health, and Neurodegeneration: a Scoping Review. Int J Ment Health Addiction 19, 724–744 (2021).
Pandya, A., & Lodha, P. (2021). Social Connectedness, Excessive Screen Time During COVID-19 and Mental Health: A Review of Current Evidence. Frontiers in Human Dynamics, 45.
Pathak, D. N. K. (2016). Digital detox in India. Int J Res Humanities Soc Sci, 4(8), 60-67.
Radtke, T., Apel, T., Schenkel, K., Keller, J., & von Lindern, E. (2021). Digital detox: An effective solution in the smartphone era? A systematic literature review. Mobile Media & Communication, 20501579211028647.
Schmitt, J. B., Breuer, J., & Wulf, T. (2021). From cognitive overload to digital detox: Psychological implications of telework during the COVID-19 pandemic. Computers in Human Behavior, 106899.
Stiglic N, Viner RM. Effects of screentime on the health and well-being of children and adolescents: a systematic review of reviews. BMJ Open 2019; 9:e023191. doi:10.1136/ bmjopen-2018-023191
Wiesner, L. (2017). Fighting FoMO: A study on implications for solving the phenomenon of the Fear of Missing Out (Master’s thesis, University of Twente).
World Health Organization. (2020). Excessive screen use and gaming considerations during COVID19.
Winther, D. K., and Byrne, J. (2020). Rethinking Screen-Time in the Time of COVID19. Available at: https://www.unicef.org/globalinsight/stories/rethinking-screentime-time-covid
Het bericht Grip op excessief schermgebruik verscheen eerst op Daliel.
]]>Het bericht Johan Derksen en het christelijke trauma verscheen eerst op Daliel.
]]>Kerk
Johan Derksen gaf aan dat hij zich in zijn jeugd gedwongen voelde om naar de kerk te gaan. Later kreeg hij het gevoel dat zijn gebeden niet werden verhoord en dat zijn vader niet leefde volgens zijn eigen principes. Ook heerste er een doofpotcultuur. Verschillende levenservaringen hebben ertoe geleid dat hij niet meer gelooft in het bestaan van een Schepper. Een veelgehoorde denkfout is: ‘Als God zou bestaan, zou er niet zoveel ellende zijn’.
Los van de essentie van het leven en de beproevingen die bij het leven passen, zijn moeilijkheden geen argument om het bestaan van de Schepper te ontkennen. Ze zeggen namelijk niets over het wel/niet bestaan van de Schepper.
Johan Derksen gaf in het interview toe dat het leven kort is en het te complex is om over dergelijke vraagstukken na te denken. Hij is een goed voorbeeld van de wijze waarop men voornamelijk in West-Europa naar religie kijkt. Men heeft een negatieve ervaring met de christelijke kerk en diens rol in het theocratische Europa. Religie bestaat uit dogma’s, oftewel vaste leerstellingen die niet betwist mogen worden. Derhalve stelt men dat religie irrationeel is en dat de Bijbel en Koran ‘sprookjesboeken’ zijn en God een denkbeeldig wezen is. Men maakt geen onderscheid tussen religies en scheert alle gelovigen over een kam.
Uiteindelijk geeft hij toe de Islam niet onderzocht te hebben, maar heeft hij wel zijn mond vol over Islam en moslims. In dit interview geeft hij toe dat er niet te moeilijk gedaan moet worden over voetballers met een islamitische achtergrond die weigeren om een vrouw de hand te schudden. Echter stelde hij in een eerder stadium dat voetballer Nacer Barazite vanwege zijn baard beter bij ISIS zou passen en sprak hij zich geregeld uit over voetballers die deelnemen aan de Ramadan.
Eurabië
Hij erkent een rechtse oude man te zijn die zich zorgen maakt over de invloed van de Islam in Nederland. Hoewel hij erkent dat moslims een grote minderheid vormen, conformeert hij zich aan de bekende rechts-populistische theorie die Eurabië heet en de veelgehoorde theorie van islamisering. Nederland zou met de groei van het aantal moslims een steeds islamitischer karakter krijgen. Als reactie hierop, maken steeds meer politieke partijen en overheden gebruik van identiteitspolitiek.
Diverse politici verwijzen bijvoorbeeld naar het herintroduceren van het Wilhelmus en de joods-christelijke traditie. De invloed van het christendom zou afnemen terwijl de ‘islamisering’ toeneemt. Islam wordt daarom als ideologische dreiging gezien. Moslims zouden namelijk wel een hele duidelijke identiteit hebben en een houvast. Deze ideologische strijd werd eerder al onderschreven door Samuel Huntington, een Amerikaanse politicoloog, en na de val van het communisme, hebben diverse invloedrijke personen aangegeven dat de rode dreiging (communisme) plaats heeft gemaakt voor de groene dreiging (Islam).
Johan Derksen erkent dat hij geen onderzoek heeft gedaan naar de Islam en dat hij bij het praatprogramma Voetbal Inside, populistische uitlatingen heeft gedaan, die voor de nodige kijkcijfers zorgden. Desalniettemin laat hij zich leiden door een hele specifieke denkwijze die uitgaat van het behoud van de eigen cultuur. Johan Derksen is wat dat betreft een product van het politieke klimaat waarin we leven.
Stof tot nadenken
Wel is het zo dat zijn jeugdverhalen stof tot nadenken geven. Het is niet voldoende om onze kinderen een aantal leefregels door te geven, zonder dat ze liefde voor de Islam hebben en er ruimte is voor vragen. Bovendien is het belangrijk dat we beseffen geen ‘parttime-moslims’ te zijn, die hun islamitische jasje uitdoen wanneer ze de voordeur achter zich dichttrekken. We zijn de dragers van een boodschap en wanneer wij deze boodschap niet uitdragen uit schaamte of angst, doen we de geïnteresseerde niet-moslims ook onrecht aan.
Met name in een tijd waarin enerzijds de polarisatie lijkt toe te nemen en anderzijds veel mensen op zoek zijn naar zingeving, is het voor de moslimgemeenschap de uitgelezen mogelijkheid om de Islam als alternatief te presenteren en misvattingen over de Islam weg te nemen.
Het bericht Johan Derksen en het christelijke trauma verscheen eerst op Daliel.
]]>Het bericht Als moslim naar de psycholoog?! verscheen eerst op Daliel.
]]>Dit is een uitspraak die ik in mijn therapiepraktijk vaak hoor bij cliënten die een hulpvraag stellen nadat ze eerder hun toevlucht zochten bij imams, predikers of studenten van kennis maar niet voldoende geholpen konden worden, omdat de hulpvraag hun grenzen te boven gaat.
Dit brengt me bij de vraag wie in de eerste plaats moet worden aangesproken bij de aanwezigheid van psychische problemen of als mensen vastlopen in hun huwelijk of met de opvoeding van hun kinderen.
Vanuit een dominant discours binnen de moslimgemeenschap lijken er vaak een heleboel drempels te bestaan richting de reguliere geestelijke gezondheidszorg, wat maakt dat de stap naar een theoloog of prediker sneller wordt gezet. Dit is ook niet verwonderlijk aangezien de Islam geen ééndagsreligie is, maar alle facetten van het dagelijkse leven beschaduwd. Uiteraard is dit geen probleem als er vragen worden gesteld van spirituele aard. Maar wat doen we wanneer we kampen met ernstige psychische klachten? In dit artikel wil ik kort stilstaan bij een aantal foutieve aannames rondom de geestelijke gezondheidszorg en verduidelijken wat psychologen of psychotherapeuten te bieden hebben.
1. Waarom een psycholoog/therapeut bezoeken als ik Allah heb?
Bij sommige praktiserende moslims speelt het idee dat het vertrouwen op Allah (ook wel tawakkul genoemd) in het gedrang komt als ze een hulpverlener om hulp vragen. Ze wenden zich immers naar de schepping en ervaren dat ze daarmee de rug keren naar Allah, maar is dat echt zo?
Men vroeg aan shaych Ibn Baaz wat vertrouwen in Allah betekent, waarop hij zei:
“Het stellen van iemands vertrouwen in Allah houdt twee zaken in:
1. Vertrouwen op Allah en het geloven dat Hij de Enige is die ervoor zorgt dat getroffen maatregelen effectief zijn. Zijn Voorbeschikking is als volgt: Hij heeft alles voorbeschikt, berekend en geordend. Verheven en geprezen is Hij.
2. Het nemen van passende maatregelen. Het stellen van vertrouwen in Allah betekent niet dat je geen passende maatregelen dient te treffen. Het is gepast om je vertrouwen in Allah te leggen, maatregelen te nemen en je best hiervoor te doen. Degene die zich hiervan onthoudt, is tegen de Wetgeving van Allah en Zijn Bepaling ingegaan. Allah heeft ons bevolen om passende maatregelen te nemen en stimuleert ons om dit te doen. Ook beval Hij Zijn Boodschapper (vrede zij met hem) om dat te doen.”
Hier stelt de shaych duidelijk dat het vertrouwen op Allah niet betekent dat we eindeloos moeten wachten op miraculeuze oplossingen en dat we uit een passieve houding dienen te schieten. Het is fundamenteel onjuist om te denken dat je imaan op een zwak niveau is als je gespecialiseerde hulp zoekt voor een complex probleem, integendeel…
Het is goed dat je in een woelige brand Allah aanroept en hem smeekt om je bij te staan, maar vergeet vooral niet de brandweer te bellen!
2. Psychologen helpen enkel labiele of krankzinnige mensen
Een andere foutieve veronderstelling is dat je enkel de stap zet naar een psycholoog of therapeut als je niet meer helder kan nadenken of de controle volledig kwijt bent. Dit is een beeld dat heerst bij velen, ongetwijfeld gecreëerd of versterkt door films waar een eenzijdig beeld wordt getoond enerzijds, en gebrek aan educatie en dus onwetendheid rondom dit thema anderzijds. Er heerst dus onwetendheid over wat een psycholoog of therapeut precies doet. In het kennismakingsgesprek hoor ik opvallend vaak dat cliënten de verwachtingen hebben dat ik na één gesprek de persoon in kwestie heb ‘doorgrond’ en een doos vol oplossingen kan aanbieden.
In tegenstelling tot het heersende beeld, kan men omwille van allerhande problemen aankloppen bij een hulpverlener: van niet goed in je vel zitten tot overmatig piekeren, depressieve gevoelens, angsten, eetstoornissen, slaapproblemen, een laag zelfbeeld, partnerrelatieproblemen, onhandelbaar gedrag (bij kinderen), etc.
Ik begrijp dat de stap naar een hulpverlener niet eenvoudig is, het vraagt je immers om jezelf kwetsbaar te stellen en zeer persoonlijke zaken te delen met een onbekend persoon. Wij, psychologen, zijn echter opgeleid om bepaalde methodieken en theoretische kaders te gebruiken om mensen (nieuwe) inzichten mee te geven omtrent hun problemen in de hoop dat ze daar beter mee kunnen omgaan en hun problemen veranderd zien.
3. Ik zou nooit naar een psycholoog gaan omdat ze me zullen brainwashen en ver weg houden van religie
Helaas zie ik onder jonge praktiserende moslims vaak een verkeerd begrip van psychologie en dat dit vaak wordt verward met filosofie. Een psycholoog kan uiteraard nieuwsgierig zijn naar de ideologie van zijn/haar cliënt, maar een theologisch kader zal an sich nooit in twijfel getrokken of weerlegd worden.
Het is immers niet de bedoeling om aan cliënten mee te geven wat ze wel of niet moeten geloven. Wij bevragen in de eerste plaats het persoonlijke verhaal van cliënten om het totaalplaatje helder te krijgen. Adviezen geven om minder met religie bezig te zijn is echter niet de bedoeling, sterker nog, we proberen juist weg te blijven van waarheidsgevechten – daar waar filosofen juist wél naartoe werken.
Tegelijkertijd is het natuurlijk raadzaam om te kiezen voor een moslimpsycholoog, die culturele en religieuze achtergrond van de moslimpatiënt beter begrijpt.
4. Psychologen schrijven bij psychische problemen pillen voor waardoor je verandert in een plant
Allereerst mogen psychologen of therapeuten zelf geen medicatie voorschrijven. Het zijn vooral de psychiaters die een medicamenteuze aanpak uitwerken. De psycholoog of therapeut gebruikt enkel gesprekken (of lichaamsgerichte oefeningen) om cliënten te helpen met hun issues.
Betekent dit dat medicatie helemaal niet ter sprake komt bij ons? Uiteraard wel, maar hier grijpen we vooral naar als we het gevoel hebben dat bepaalde complexe problemen in die mate aanwezig zijn dat medicatie moet worden voorgeschreven om weer tot rust te kunnen komen.
Wij geloven dan ook niet in medicatie als structurele oplossing, maar slechts als middel om rust, controle en stabiliteit in te bouwen in het leven van de cliënten. Er moet dan ook sprake zijn van een verontrustende situatie vooraleer men überhaupt kiest voor een medicamenteuze aanpak. Medicatie kan samengevat bepaalde symptomen de kop indrukken, maar het neemt de kern van
het probleem niet weg. In de praktijk zien we dan ook vrijwel altijd dat een medicamenteuze behandeling gepaard gaat met gesprekstherapie.
5. Ik kan niet praten over islamitische aspecten met een psycholoog, ze zullen het nooit begrijpen
Het klopt dat een psycholoog geen theoloog is, maar dat betekent niet automatisch dat psychologen totaal geen kaas hebben gegeten van de fundamenten van de Islam.
Tegenwoordig zijn er in de grote steden in Nederland en België vaker psychologen te vinden met een islamitische achtergrond die spiritualiteit ook een plaats geven in het spreken.
Sterker nog, vanuit onze praktijk Al Miezaan komen religie en fiqh (jurisprudentie) in de meeste gevallen aan bod tijdens de therapeutische gesprekken. Ik wil wel benadrukken dat er geen fatawa worden uitgevaardigd bij ons, maar indien nodig raadplegen we imams of Islamdocenten als daar diepgaande of complexe vragen over worden gesteld.
Andersom krijgen we soms doorverwijzingen van imams of Islamdocenten als cliënten een hulpvraag stellen rond rituelen die zijn uitgemond in een vorm van dwang, bijvoorbeeld bij spirituele OCS (obsessieve-compulsieve stoornis). Dit is een stoornis waarbij mensen op dwangmatige wijze bezig zijn met spirituele handelingen, waardoor ze zichzelf daar volledig in verliezen en de controle kwijt raken. Een veelvoorkomend voorbeeld is de preoccupatie met het meermaals wassen van bepaalde lichaamsdelen tijdens het verrichten van de wudoe om er zeker van te zijn dat de rituele wassing volledig en correct werd uitgevoerd.
Vandaag de dag is er dan ook een degelijk aanbod aan islamitische hulpverleners die voldoende theoretische kaders mee hebben rond de ontwikkeling van mentale stoornissen én daarnaast ook feeling hebben met islamitische rituelen en de jurisprudentie daarrond. Dit maakt dat beide werelden mooi samenvloeien in een hulpverleningslandschap.
6. De gelovige is een spiegel voor de gelovige
Het is overgeleverd door Aboe Hoerayrah dat de Profeet (vrede zij met hem) zei: “De gelovige is een spiegel voor de gelovige.”1
In moderne Islamic Counselling praktijken wordt dit als vertrekpunt genomen voor een therapeutische basishouding in een hulpverleningsrelatie. Een therapeut heeft naar analogie van een spiegel de taak om (in een vertrouwelijke omgeving) te projecteren wat hij/zij op afstand hoort, ziet en voelt bij de cliënt.
Dat het leven soms uitdagingen met zich meebrengt is een belofte van Allah. Hij – soebhanahoe wa ta’ala – vermeldt in de Koran het volgende vers:
Denken de mensen (werkelijk) dat zij met rust zullen worden gelaten, als zij zeggen: “Wij geloven”, en dat zij niet beproefd zullen worden? En voorzeker, Wij hebben degenen vóór hen beproefd. En Allah zal zeker degenen die oprecht zijn tonen en Hij zal zeker de leugenaars tonen. (Soerah al-‘Ankaboet, vers 2-3)
Beproevingen zijn nu eenmaal een onderdeel van het leven, maar dit mag niet betekenen dat we in een passieve houding mogen schieten en dienen te wachten tot een oplossing uit de hemel valt.
Wanneer men geruime tijd onderhevig is aan stress, dan ontstaat er vaak een patroon van handelingen, gedachten en gevoelens die de moeilijkheden op zich niet wegnemen. Dan kan het een grote meerwaarde zijn om daarover in dialoog te gaan met iemand die de verantwoordelijkheid heeft om op een open en eerlijke manier inzichten mee te geven. Inzichten die inefficiënte patronen kunnen breken en de cliënt op een andere, frisse manier kan doen kijken naar de issues die zich voordoen.
Hoe ontlastend moet het wel niet zijn om – in een maakbare wereld waar veel draait rond het tonen van vaardigheden, bezittingen en kennis – in alle eerlijkheid je hart te kunnen luchten bij een vertrouwelijke figuur die je de hand uitreikt om samen op zoek te gaan naar oplossingen?
Het is eigen aan de mens dat beproevingen – in welke vorm dan ook – hen overvallen, maar het is ook van de natuurlijke aanleg van de mens om problemen te verhelpen. Hoe menselijk ben jij in deze?
Het bericht Als moslim naar de psycholoog?! verscheen eerst op Daliel.
]]>Het bericht ‘Aasjoeraa en de islamitische identiteit verscheen eerst op Daliel.
]]>Hoewel er door sjiieten verwerpelijke handelingen worden verricht op deze dag die niets van doen hebben met de Islam, kunnen we veel leren van de opofferingen van al-Hoessein (رضي الله عنه), het belang van een rechtvaardige leider en het belang om je uit te spreken tegen onderdrukking en tirannie. Dit zou ons moeten stimuleren om ons meer te verdiepen in de wijze waarop de Islam kijkt naar politiek leiderschap en hoe dat zich verhoudt tot de huidige realiteit van de moslimwereld.
De Profeet (صلى الله عليه وسلم) leert ons om deze dag en een dag ervoor (of erna) te vasten. Een van de belangrijkste redenen is dat we ons hiermee onderscheiden van anderen. Toen de Profeet (صلى الله عليه وسلم) naar Medina trok en de joden in vastende staat aantrof (op de dag van ‘Aasjoeraa) en hen hiernaar vroeg, stelden ze dat zij vastten vanwege het feit dat Allah de Profeet Moesaa (عليه السلام) op deze dag had gered. Het was dus een vorm van verering (تعظيم), waarop de Profeet (صلى الله عليه وسلم) zei:
نحن أولى بموسى منكم
‘’Wij hebben meer recht op Moesaa dan jullie.’’ (al-Boechari)
Onderscheid in deze context is niet slechts voorbehouden aan joodse tradities, maar het gaat erom dat de Islam uniek is en zich onderscheidt van alle andere religies en ideologieën.
Identiteit is het bewustzijn van de mens aangaande de realiteit van zijn wezen, welke hem als individu of groep onderscheidt van anderen. De vraag is echter op welke wijze men zich onderscheidt. De mensen verschillen niet van elkaar als het gaat om organische behoeften en instincten. Zo hebben zij bijvoorbeeld allen behoefte aan slaap, ervaren zij angst, honger, dorst en hebben ze de neiging tot voortplanting. Of zij nu blank, zwart, Europees, Afrikaans of Aziatisch zijn.
Waarin zij echter wel van elkaar verschillen, is de wijze waarop zij hun organische behoeften en instincten bevredigen. Zo is het voor de een geoorloofd om varkensvlees te nuttigen en is het voor de ander verboden. Dit komt omdat de maatstaven die men hanteert verschillen. Voor de moslim bijvoorbeeld is dit de ‘halal en haram’, terwijl het voor een ander eigenbelang is. Dit vloeit voort uit de levensvisie die men heeft geadopteerd.
Bovendien bestaat er onder de mensen een onderscheid in kleur, etniciteit, geslacht, taal en land van herkomst. Bekende filosofen zoals Renan en Montesquieu stelden bijvoorbeeld, dat het Europese ras superieur was, in navolging van Iblies (de duivel), die stelde dat hij beter dan Adam (عليه السلام) was, omdat hij uit vuur was geschapen en Adam (عليه السلام) uit klei. Hij achtte zich dus beter dan een ander op basis van een natuurlijke onderscheiding, waar men geen invloed op heeft gehad.
De Islam is gekomen om onderscheid op basis van de geschapen natuurlijke aard of op basis van zaken waar men geen vat op heeft, teniet te doen en te veroordelen. Zo rust er bijvoorbeeld een verbod op racisme en nationalisme. Zij maakt slechts onderscheid op basis van hetgeen de mensen zelf hebben verworven in de sfeer waarin zij zelf kunnen kiezen.
Dit geldt voor hun intellectuele capaciteit om tot de conclusie te komen dat er een Schepper schuilgaat achter de schepping, dat deze Schepper Allah is, dat Hij Boodschappers heeft gezonden en de Koran van Hem afkomstig is. Het enige onderscheid dat er wordt gemaakt tussen de mensen, is de mate van taqwaa (in hoeverre je je conformeert aan de Goddelijke oordelen) en dit is een graadmeter die voor iedereen geldt, ongeacht of je blank, donker of geel bent en of je man of vrouw bent.
Identiteit is daarom niet slechts een naamkaartje of een papiertje waarop enkele persoonsgegevens staan, maar het gevolg van het bewustzijn van de realiteit van de mens en het doel van zijn bestaan. ‘Aasjoeraa herinnert ons aan het belang om onze islamitische identiteit te waarborgen en ons niet te laten leiden door de dominante norm.
Het bericht ‘Aasjoeraa en de islamitische identiteit verscheen eerst op Daliel.
]]>Het bericht Islamitische opvoeding II: de ontwikkelingsfases (voorbereiding, zwangerschap en geboorte) verscheen eerst op Daliel.
]]>
Het doel van een islamitische opvoeding
Het doel van een islamitische opvoeding is om de natuurlijke aanleg van de mens te behouden.
Ieder mens is namelijk geboren met het geloof in Allah en het verlangen om toenadering tot Hem te zoeken. Het behoud van dit gevoel gaat volgens ustadha Sawsan Imady in drie stappen[1]:
In de eerste stap wordt het kind cognitief geprikkeld, hij wordt tot denken gezet. Dit kan op elke leeftijd door verschillende dingen teweeggebracht worden waar het kind aandacht voor heeft. Een baby vindt het bijvoorbeeld reuze interessant als zijn ouders verdwijnen en weer tevoorschijn komen. Een groter kind kan gefascineerd zijn van insecten observeren. Als dit gevoel van verwondering is aangewakkerd, ontstaat er een kans om samen met het kind Allah te gedenken en bedanken. Ten slotte wordt er een beroep gedaan op de emotionele ontwikkeling van het kind. Het kind leert eerst zichzelf kennen door zijn relatie met zijn ouders, vervolgens breidt zijn aandacht steeds verder uit naar de buitenwereld, totdat het kind beseft dat het onderdeel uitmaakt van alles om zich heen en hier invloed op heeft en door beïnvloed wordt.
De opvoeding van kinderen moet zo vroeg mogelijk beginnen en zo min mogelijk vertragingen oplopen. Kinderen maken namelijk verschillende fases mee waarin ze bepaalde dingen beter en sneller kunnen leren. Als deze fases gemist worden, kan het heel moeilijk worden om dingen later recht te zetten. Daarnaast moet er in de opvoeding heel vaak herhaald worden en is daar veel tijd voor nodig.
Zoals ik in deel 1 van deze serie had aangegeven, dienen ouders eerst aan hun eigen manier van praktiseren te werken voordat ze hetzelfde van hun kinderen kunnen verwachten. Het is belangrijk om een goed voorbeeld te zijn voor onze kinderen. Onze daden van aanbidding hebben namelijk een effect op hen. In Soerah al-Kahf, vers 82, legt al-Gidr aan Moesaa (‘alayhis-salaam) uit, waarom hij de muur repareerde zonder er iets voor te vragen:
En wat betreft de muur: die behoorde toe aan twee jongelingen die wees waren in de stad en eronder lag een schat die bestemd was voor hen, en hun vader was een oprechte man geweest. Daarom wenste jouw Heer dat zij hun volwassen leeftijd bereikten en (dan) hun schat er uit haalden, als Barmhartigheid van jouw Heer. En ik deed het niet uit mijn eigen wil; dat is de uitleg over hetgeen waarmee jij niet in staat was geduld te hebben.
Omdat de (voor)vader van de twee weeskinderen een rechtschapen man was, beschermde Allah hen en hun erfenis. Dit vers was een grote motivatie voor de vrome voorgangers. Als ‘Abdullah ibn Mas’oed het nachtgebed (qiyaam al-layl) verrichtte, keek hij naar zijn zoon en zei hij “dit is voor jou” en reciteerde “en hun vader was een oprechte man geweest.”
Ook Sa’ied ibn al-Musayyab zei op een dag tegen zijn zoon: “Ik zal mijn gebeden vermeerderen omwille van jou.”
De voorbereidingsfase
In de voorbereidingsfase dienen we eerst zeker te zijn dat we zelf zijn zoals we willen dat onze kinderen zullen zijn. Als dat het geval is, zal ons belangrijkste criterium bij het zoeken van een partner, de mate waarin hij of zij ons dichter bij Allah brengt zijn. We dienen tevens te overwegen in welke mate deze partner een goed voorbeeld zal zijn als ouder en of hij of zij een ondersteunende rol zal vervullen bij de opvoeding van het kind. Het huwelijk bereidt je vervolgens voor op het ouderschap. Door het leven met een partner leer je onder andere dat je altijd rekening moet houden met een ander en om geduldig en liefdevol te zijn. Je leert je eigen gebreken kennen en op welke gebieden je jezelf moet ontwikkelen.
De zwangerschap
Tijdens de zwangerschap dient de moeder alleen voedsel in te nemen dat halaal is, dat wil zeggen dat het voedsel zelf halaal (en niet haraam) moet zijn, maar ook dat het gekocht is met geld uit een halaal inkomen. Daarnaast dient de moeder zoveel mogelijk goede daden te verrichten. Toen de moeder van Maryam (‘alayha as-salaam) zwanger werd, wilde ze Allah bedanken door het grootste bezit dat ze had, aan Allah te offeren.
(Weet dan) toen de vrouw van ‘Imraan zei: “O, Mijn Heer! Ik draag aan U op wat in mijn baarmoeder is, dat het vrij zal zijn (om U te dienen), neem dit dus van mij aan. Waarlijk, U bent de Alhorende, de Alwetende.[2]
Op dezelfde manier zouden zwangere vrouwen de nabijheid van Allah moeten zoeken door Hem te aanbidden en goed met mensen om te gaan. Het krijgen van kinderen is een grote gunst. Als we dit beseffen en hiervoor dankbaarheid tonen, zal Allah ons begunstigen met de vroomheid en het mooie karakter van onze kinderen.
Een foetus hoort met 18 weken zwangerschap zijn eerste geluiden. Met 25 weken reageert hij op geluiden die hij hoort en in de derde trimester van de zwangerschap kan hij de stem van zijn moeder herkennen.[3] Naarmate het brein van het kind rijpt, kunnen deze geluiden zelfs opgeslagen worden in zijn geheugen. De foetus kan op heel veel manieren indrukken uit de wereld tot zich nemen en een relatie beginnen te vormen met zijn ouders. Ouders dienen al tijdens deze periode een warme omgeving te creëren voor hun kind.
De geboorte
Bij de geboorte dienen de islamitische rituelen, zoals het opzeggen van de adhaan en de iqaamah, uitgevoerd te worden. Shaykh al-‘Uthaymien zei hierover: “Dit vindt plaats op de dag van de geboorte zoals dat vastgesteld is in de overleveringen. En de wijsheid hierachter is dat het eerste wat het kind hoort, de adhaan is, die het volgende inhoudt:
Het is dus alsof deze rituelen een poort openen in het hart van het kind, en het kind herinnerd wordt aan het doel van zijn bestaan, namelijk het kennen en aanbidden van Allah.”[4]
Valkuilen tijdens deze periode
We horen vaak mensen zeggen: “Het kind zal het zich echt niet meer herinneren dat het dit en dat heeft meegemaakt.” Hier zit een kern van waarheid in, maar deze benadering vormt mijns inziens een grote valkuil. Ieder mens heeft een impliciet en expliciet geheugen. Bij de geboorte is alleen het impliciete geheugen actief. Alles wat een kind meemaakt tot de leeftijd van 1,5 jaar wordt enkel opgeslagen in het impliciete geheugen. Hieronder vallen dingen zoals aangeleerd gedrag, emoties, percepties en lichamelijke herinneringen. Tijdens het hele leven zijn deze herinneringen aanwezig in het brein maar een mens kan zich deze herinneringen niet duidelijk voor de geest halen. Dit is wel mogelijk met herinneringen die worden opgeslagen in het expliciete geheugen vanaf 1,5 jaar. Deze herinneringen kunnen letterlijk herinnerd worden en kunnen ook woorden bevatten.
Het impliciete geheugen is zeer belangrijk voor de toekomst van een kind, want het wordt gevormd door onze eerste relaties met onze verzorgers en bepaalt voor een groot deel hoe we reageren op onze ervaringen en hoe we ons gedragen in onze relaties voor de rest van ons leven. Bijvoorbeeld: als een baby huilt en stress ervaart en de moeder het kind oppakt en troost, dan zal het kind (impliciet) leren dat de aanwezigheid van zijn moeder rust en veiligheid brengt, als dit patroon zich telkens herhaalt. Ook leert het kind dat hij in staat is om zijn behoeftes te uiten en dat deze behoeftes serieus worden genomen door de omgeving.[5] Als het kind op volwassene leeftijd stress ervaart, zal het ook de aanwezigheid van een nabije persoon verlangen en dit opzoeken. Deze volwassene zal niet bij iedere tegenslag verlamd raken maar datgene opzoeken wat hem gerust kan stellen, zoals het aanbidden van Allah.
Het is dus cruciaal dat ouders zoveel mogelijk proberen te voorzien in de basisbehoeftes van hun kind zoals veiligheid en troost vanaf de geboorte, zodat het kind later gezonde relaties kan koesteren met zijn ouders, partner, eigen kinderen en de rest van de ummah.
De implicaties van hoe we als baby zijn behandeld gaan verder dan onze relaties met anderen. Veel belangrijker dan dat is, dat het een effect heeft op de relatie tussen onszelf en Allah. Onze opvoeders leren ons (onbewust) al heel vroeg hoe we naar onszelf en het leven moeten kijken.[6] Als we bijvoorbeeld leren dat het leven staat voor lijden, dan zullen we bijvoorbeeld moeite kunnen hebben met het goede verwachten van Allah. Als we leren dat we ons moeten schamen voor wie we zijn, zullen we moeite kunnen hebben met geloven dat Allah ons kan vergeven en dus ook met vergiffenis vragen.
Als deze periode van je kind je is ontgaan terwijl je niet de meest optimale omstandigheden hebt kunnen bieden aan je kind, treur dan niet. Er doen zich steeds nieuwe situaties voor waarin we de relatie met ons kind kunnen versterken. In het volgende artikel zal ik hiervoor een simpele maar zeer effectieve techniek bespreken.
[1] https://www.youtube.com/watch?v=ivlzgw9PCJ4
[2] Soerah Aali ‘Imraan, vers 35
[3] https://www.healthline.com/health/pregnancy/when-can-a-fetus-hear
[4]http://www.islamkennis.com/zwangerschap-geboorte-en-opvoeding/139-zwangerschap-en-geboorte/441-het-oordeel-over-adhaan-en-iqaamah-in-de-oor.html
[5] “Parenting from the Inside Out” – D. J. Siegel & M. Hartzell
[6] http://www.emptyingthecup.com/the-devalued-self/
Het bericht Islamitische opvoeding II: de ontwikkelingsfases (voorbereiding, zwangerschap en geboorte) verscheen eerst op Daliel.
]]>Het bericht Zo hecht jij je kinderen aan ‘ied al-adhaa! verscheen eerst op Daliel.
]]>De focus van omgaan met religieuze feesten ligt op dit moment vooral op de volwassenen en dat maakt o.a. ‘ied al-adhaa een minder fijn moment voor kinderen. Denk aan de lange preken in moskeeën, de bezoekjes aan familie waarbij kinderen vaak naar buiten worden verbannen en er weinig aandacht is voor hen. Denk aan het verhaal van de Profeet Ibrahim dat enorm gericht is op het slachten van diens zoon, zonder de wijsheid en genade van Allah hierbij te betrekken. Kortom, er is ruimte voor verbetering.
Wil je dat jouw kind zich gaat hechten aan ‘ied al-adhaa, dan zul je dingen moeten doen die de emotionele en religieuze connectie tussen jouw kind en dit feest vergroten. Bij de religieuze connectie gaat het erom je kind de betekenis van ‘ied al-adhaa te leren. Door de emotionele connectie zorg je er vervolgens voor dat ‘ied al-adhaa een moment is waar het kind naar uitkijkt en verbinding mee voelt op zowel korte als lange termijn.
De manier om beide te bereiken, is door ze niet als aparte onderdelen te behandelen, maar ze samen te voegen. Zo ontstaat er een aantrekkelijke manier van opvoeden en onderwijzen, voor zowel jouw kind als jou als ouder. Ik neem je graag mee in mijn persoonlijke top 10, beginnend bij de emotionele connectie.
De praktijk leerde me dat sommige ouders met name moeite hebben met de eerste vijf punten. Zij kennen dit niet van vroeger en vinden dit lijken op dingen die worden gedaan op niet-religieuze feesten. Tegen hen wil ik zeggen: er is geen verbod op deze zaken, maak het dan ook niet verboden voor jezelf. Ook wil ik eenieder wijzen op het volgende:
Bepaalde feesten hebben in de samenleving een belangrijke plek, zoals het sinterklaasfeest, kerst en ‘oud en nieuw’. Steeds meer moslims nemen op een bepaalde manier deel aan deze feesten. Tegelijkertijd lijken zij de religieuze feesten steeds meer los te laten. Op die manier zal de religieuze identiteit van jouw kind steeds verder in het nauw worden gedreven. Verbondenheid met religie was voor de voorgaande generaties niet alleen theologisch, maar het was ook de sociale norm omdat zij leefden in moslimlanden. Wij leven niet in een moslimland en dat maakt de focus op een emotionele connectie met de Islam extra belangrijk. Investeer in de geloofsbeleving. Investeer in de beleving rondom ‘ied al-adhaa, zodat er een reactie volgt die past bij de belangrijkste islamitische feestdag, wanneer je jouw kind vertelt dat het bijna ‘ied al-adhaa is.
Het bericht Zo hecht jij je kinderen aan ‘ied al-adhaa! verscheen eerst op Daliel.
]]>Het bericht Hoe voed ik kinderen op met een sterke moslimidentiteit? verscheen eerst op Daliel.
]]>Een vraag die (aankomende) moslimouders veel bezighoudt is hoe je je kind opvoedt met islamitische normen en waarden. Het beantwoorden van deze vraag is niet makkelijk omdat het meerdere vragen oproept, zoals: welke normen en waarden willen we overbrengen aan onze kinderen? Welke factoren hebben invloed op ons praktiseren van de Islam? Welke factoren zorgen voor twijfels over de Islam?[1] Wat is de invloed van een niet-islamitische omgeving op het kind en hoe gaan we hier het beste mee om? Dit zijn allemaal vragen waarop iedere moslimouder zou moeten reflecteren en antwoorden bij moet vinden. Vervolgens dienen ze zichzelf de vraag te stellen of onze huidige manier van opvoeden leidt tot de gewenste resultaten of dat we onze opvoedstijl moeten aanpassen.
In deze serie probeer ik deze en andere vragen, die te maken hebben met een islamitische opvoeding, te beantwoorden. Ik zal hiervoor gebruik maken van handvatten uit de Qur’an en Sunnah, van inzichten van klassieke en moderne geleerden en professionals én ervaringen van ouders zelf.
De vraag die ik in dit artikel probeer te beantwoorden is: hebben ouders invloed op het geloof van hun kinderen?
In de Qur’an lezen we dat Profeet Ibrahiem, ‘alayhi assalaam, werd opgevoed door een afgodenaanbidder terwijl de zoon van Profeet Noeh, ‘alayhi assalaam, weigerde in Allah te geloven ondanks dat zijn vader een profeet was. Betekent dit dat we als ouders geen invloed hebben op het geloof van onze kinderen en dat we maar op het beste moeten hopen?
Het is altijd mogelijk dat kinderen een ander pad kiezen, ondanks een goede islamitische opvoeding gehad te hebben. Of dat een niet-moslim tot de Islam bekeert of dat een moslim de Islam meer praktiseert dan onderdeel was van zijn opvoeding. Maar net zoals de profeten hun volk hebben uitgenodigd tot het geloven in Allah in hun eigen taal, waarna sommigen van hen geloofden en anderen afdwaalden, dienen ook ouders hun kinderen uit te nodigen tot het geloof in een passende taal.
Zodra kinderen volwassen worden zien we dat de meerderheid het geloof van hun ouders volgt. De Profeet, sallallahu ‘alayhi wa sallam, zei hierover:
Elke geborene wordt geboren volgens de natuurlijke aanleg (al-fitrah). Zijn ouders maken vervolgens van hem een jood, een christen of een vuuraanbidder.[2]
Wat het opvoeden van praktiserende moslims in deze tijd moeilijk maakt is het feit dat onze kinderen omgeven worden door niet-moslims en wij als ouders en (moslim)gemeenschap niet meer de enige opvoeders zijn van onze kinderen. Door de toegenomen invloed van de media is het onmogelijk geworden om kinderen te beschermen tegen ideeën die vreemd zijn aan de Islam. Negatieve invloeden komen echter niet alleen van ‘buitenaf’. Moslimjongeren en kinderen ondervinden ook problemen binnen de islamitische gemeenschap. In een onderzoek door Omar Suleiman[3] onder Amerikaanse jongeren bleek bijvoorbeeld dat jonge moslims een gebrek aan saamhorigheid ervaren binnen de islamitische gemeenschap. Zij voelen zich veroordeeld door de oudere generatie moslims die niet in dezelfde omgeving is opgegroeid als zij en niet begrijpt wat zij meemaken. Dit gevoel kan uiteindelijk leiden tot kwetsbaarheid voor zaken die hun geloof verzwakken. Als ouders dienen we op de hoogte te zijn van de behoeftes die kinderen hebben en wat zij nodig hebben om zich mentaal en spiritueel volledig te ontwikkelen. Tegelijkertijd dienen we op de hoogte te zijn van de schadelijke factoren waaraan onze kinderen worden blootgesteld en ze daarvan behoeden[4]. Deze factoren, die in iedere levensfase een andere invulling hebben, zullen in een volgend artikel besproken worden.
De rol van de ouders in het opvoeden van kinderen met een sterke islamitische identiteit is echter niet gelimiteerd tot praktische aspecten van opvoeden. Het is mogelijk dat ouders aan alle behoeftes van hun kinderen voldoen die nodig zijn om een sterke islamitische identiteit te ontwikkelen, maar dat de kinderen toch ongewenst gedrag vertonen dat de ouders verontrust. De oplossing voor deze situatie is ten eerste het voorkomen van problemen door zo vroeg mogelijk te beginnen met een islamitische opvoeding, en ten tweede door zelf een goede voorbeeld te geven.
Het geven van een goed voorbeeld aan kinderen van hoe een moslim dient te leven is belangrijk vanuit twee perspectieven. Het eerste perspectief is gedragsmatig. Een welbekende wijsheid is dat kinderen doen wat ze bij hun ouders zien en niet wat hun ouders zeggen dat ze moeten doen. Om onze kinderen gewoontes aan te leren, zoals het verrichten van het gebed, dient deze handeling een groot aantal keren herhaald te worden. Door het gebed te verrichten en er belang aan te hechten leren onze kinderen ook het belang van deze handeling al voordat ze zelf beginnen met bidden.[5]
Ten tweede is er een speciale band tussen kinderen en hun opvoeders, waardoor kinderen altijd reageren op het gedrag van hun ouders. Omdat kinderen heel dicht bij hun natuurlijke aanleg staan zijn ze in staat om aan te voelen wanneer de handelingen en woorden van hun ouders niet overeenkomen met elkaar. Als de ouder het kind oproept tot het goede maar zijn eigen fouten niet rechtzet kan het kind problematisch gedrag vertonen. Om het gedrag van onze kinderen te veranderen is het daarom meestal genoeg om ons eigen gedrag te veranderen, waarna onze kinderen zich direct anders gaan gedragen. Een vroegere islamgeleerde zei:
Het eerste dat je dient te doen bij het opvoeden van kinderen is het rechtzetten van jouw eigen manieren, want er is een verband tussen hun tekortkomingen en die van jou; in hun ogen is hetgeen jij doet het goede en hetgeen waar jij afstand van neemt het slechte.’[6]
[1] https://yaqeeninstitute.org/youssef-chouhoud/modern-pathways-to-doubt-in-islam/#.Xd11yVdKg2w
[2] Bukhari & Muslim
[3] https://yaqeeninstitute.org/omar-suleiman/exploring-the-faith-and-identity-crisis-of-american-muslim-youth/#ftnt_ref21
[4] https://www.youtube.com/watch?v=ivlzgw9PCJ4
[5] https://www.islam21c.com/islamic-thought/40-hadiths-raising-children/
[6] Tareekh Dimashq, 38/271-272
Het bericht Hoe voed ik kinderen op met een sterke moslimidentiteit? verscheen eerst op Daliel.
]]>Het bericht Hoe wordt jouw erfenis straks verdeeld? verscheen eerst op Daliel.
]]>Wanneer een familielid komt te overlijden gaat dit niet alleen gepaard met veel verdriet maar moet er vaak ook veel geregeld worden. Nadat een arts het overlijden heeft vastgesteld moet er contact worden opgenomen met overheidsinstanties, de uitvaartondernemer, het pensioenfonds en nog veel meer. Eén van de zaken die geregeld moet worden en tegenwoordig door veel moslims over het hoofd wordt gezien, is het verdelen van de erfenis volgens het islamitische recht.
Het verdelen van de nalatenschap volgens het islamitische recht is een verplichting en niet optioneel. Er zijn weinig voorschriften in de Koran te vinden waarover Allah zo nadrukkelijk en expliciet stelt dat het een verplichting is waar niet van mag worden afgeweken.
Erfrecht in de Koran
Allah zegt over het feit dat Hij degene is die bepaalt wie het recht heeft om te erven en wie niet:
En voor eenieder van jullie hebben Wij erfgenamen bepaald die recht hebben op wat de ouders en verwanten nalaten. [1]
In de samenleving waar de Profeet, sallallahu ‘alayhi wa sallam, naartoe gestuurd werd was men gewend om de erfenis enkel te verdelen onder volwassen mannen. Zij zijn de stam immers het meeste tot nut, omdat zij vechten en oorlog voeren ter bescherming van de stam[2]. Vrouwen werden hierdoor uitgesloten van de erfenis. Naar aanleiding hiervan openbaarde Allah het volgende vers, om duidelijk te maken dat zowel mannen als vrouwen het recht hebben om te erven:
Voor de mannen is er een aandeel van wat de ouders en verwanten nalaten en voor de vrouwen is er een aandeel van wat de ouders en verwanten nalaten, ongeacht of het [nalatenschap] veel of weinig is. [En dit betreft] een verplicht aandeel.[3]
Om te voorkomen dat men vervolgens denkt dat vrouwen alleen een deel van de erfenis toekomt als een vermogend persoon overlijdt die veel eigendommen nalaat, benadrukt Allah: ‘’Ongeacht of het veel of weinig is.’’ [4] Oftewel: in alle scenario’s erven zij, ongeacht hoeveel er wordt nagelaten. Tot slot benadrukt Allah het feit dat wat Hij oordeelt aangaande erfrecht bindend is en dat hier niet van mag worden afgeweken: ‘’[En dit betreft] een verplicht aandeel.’’ [5]
Naast vrouwen werden ook kinderen uitgesloten van de erfenis, vanwege dezelfde reden. Zij waren immers niet degenen die de stam beschermden en hen eer bezorgden door namens de stam ten strijde te trekken. Allah benadrukt onmiskenbaar dat het een misdaad is om de eigendommen die het kind wiens ouder(s) overlijdt toekomt onrechtmatig te consumeren. Hieronder valt ook het niet aan hen toekennen van de erfenis die hen toekomt volgens het islamitische recht. Allah zegt:
Voorzeker, degenen die de eigendommen van de wees onrechtmatig consumeren, consumeren slechts vuur in hun buiken. En zij zullen een laaiend Vuur binnentreden.[6]
Dit behoort tot de zwaarste bedreigingen die in de Koran geuit zijn bij overtredingen en dat wijst op het feit dat dit behoort tot de grootste zondes.[7]
Vervolgens, wanneer Allah na deze algemene bepalingen de gedetailleerde regelgevingen noemt omtrent het erfrecht, opent Hij met de Woorden:
Allah beveelt jullie betreffende [het verdelen van de erfenis onder] jullie kinderen.[8]
Ook maakt Allah duidelijk waarom Hij de bepalingen en gedetailleerde regelgevingen op Zich heeft genomen en dit niet heeft overgelaten aan het oordeel van de persoon die komt te overlijden. Allah zegt:
Jullie vaders of jullie kinderen: jullie weten niet wie van hen jullie het meeste zal baten.[9]
Men is geneigd om te bepalen wie van zijn naasten hem het meeste van nut is (geweest) en die vervolgens te begunstigen met de erfenis of het grootste deel daarvan. Dit is exact wat vandaag de dag ook gebeurt, waarbij de erfenis oneerlijk wordt verdeeld onder de kinderen of naasten of een ouder een kind zelfs onterft. Dit zal altijd tot oneerlijke verdelingen leiden en conflicten in de hand werken, omdat de mens niet in staat is volledig te overzien wie hem het meeste van nut is tijdens zijn leven, na zijn overlijden en in het hiernamaals. Dit is simpelweg niet objectiveerbaar en door een persoon niet te beoordelen. Om die reden is het meest rechtvaardige dat Allah, Degene die alles overziet en van alles op de hoogte is, het erfrecht uiteenzet en bepaalt wie waar recht op heeft[10]. Daarom sluit Allah dit vers af met de volgende Woorden:
Als een bepaling van Allah. En Allah is zeker Alwetend, Alwijs. [11] [12]
Tot slot sluit Allah de regelgevingen rondom het erfrecht af, door nog eens ondubbelzinnig duidelijk te maken dat van Zijn bepalingen niet mag worden afgeweken, onder geen enkel voorwendsel. Allah zegt:
Dit zijn de grenzen van Allah. En wie Allah en Zijn Boodschapper gehoorzaamt, hem zal Hij het Paradijs doen betreden waaronder rivieren stromen. Eeuwig verblijven zij daarin en dat is de geweldige overwinning. En wie Allah en Zijn Boodschapper ongehoorzaam is en Zijn grenzen overschrijdt, hem doet Hij het Hellevuur betreden waar hij eeuwig zal verblijven. En voor hem is een vernederende bestraffing.[13]
Hoe is jouw erfenis geregeld?
Het erfrecht in de Islam is gedetailleerd voorgeschreven met een bindend karakter en is niet overgelaten aan de wensen van de persoon die komt te overlijden of de erfgenamen[14]. Dit betekent dus dat een aantal praktijken die vaak voorkomen in verschillende moslimculturen of gebruikelijk zijn in Nederland (en toegestaan volgens het Nederlandse recht), islamitisch gezien verboden zijn.
Zo gebeurt het vaak dat vrouwen of minderjarige kinderen buiten beschouwing worden gelaten wanneer een familielid komt te overlijden en de erfenis wordt vastgehouden door een aantal mannelijke familieleden of de echtgenote van de overledene. Dit leidt regelmatig tot conflicten en het verbreken van familiebanden. Verder is het onterven van een erfgenaam of de ene erfgenaam een groter of kleiner aandeel toekennen dan in het islamitische recht is bepaald, niet toegestaan.
Ook de erfrechtbepalingen in het Nederlandse recht zijn in strijd met die van het islamitische recht en mogen daarom niet worden aangehouden door een moslim[15]. En het feit dat het dominante rechtssysteem dat nu eenmaal zo voorschrijft is geen excuus of belemmering, omdat het Nederlandse recht de ruimte geeft om door middel van een testament zelf te bepalen hoe jouw erfenis (grotendeels) wordt verdeeld.
Dit betekent dat je als moslim het initiatief moet nemen om ervoor te zorgen dat jouw erfenis, maar ook die van je ouders als zij overlijden in jouw aanwezigheid, islamitisch verantwoord verdeeld wordt.
Wat nu?
Het doel van dit artikel is om het bewustzijn hieromtrent aan te wakkeren en het belang ervan te onderstrepen. Als de situatie zich voordoet dat een familielid komt te overlijden van wie jij erft, is het belangrijk om de situatie voor te leggen aan een imam of een islamgeleerde, zodat hij een accurate berekening kan maken overeenkomstig de islamitische erfrechtbepalingen.
Voor
je eigen nalatenschap is het erg belangrijk dat je dit onderwerp binnen je
gezin bespreekbaar maakt en ervoor zorgt dat iedereen op de hoogte is van het
belang en het gewicht van dit thema in de Islam. Tot slot is het ten zeerste
aan te raden om een testament op te stellen waarmee je waarborgt dat jouw
nalatenschap wordt verdeeld volgens het islamitisch erfrecht. Hierover in een
volgend artikel meer, inshaa-Allah.
[1] Soerah an-Nisaa`, vers 33
[2] Tafsier at-Tabarie, Tafsier Ibn Kathier
[3] Soerah an-Nisaa`, vers 7
[4] Tafsier as-Sa’die
[5] Tafsier al-Qortobie
[6] Soerah an-Nisaa`, vers 10
[7] Tafsier as-Sa’die
[8] Soerah an-Nisaa`, vers 11
[9] Soerah an-Nisaa`, vers 11
[10] Tafsier al-Qortobie
[11] Soerah an-Nisaa`, vers 11
[12] Tafsier as-Sa’die
[13] Soerah an-Nisaa`, vers 13-14
[14] Een persoon kan voor een beperkt deel van zijn eigendommen een legaat (wasiyyah) nalaten, onder bepaalde voorwaarden, maar daar wijd ik in dit artikel niet over uit. Nadat eventuele schulden zijn afgelost en het legaat is uitgekeerd, wordt wat overblijft verdeeld volgens de regelgevingen van het islamitische erfrecht
[15] De wettelijke verdeling van de erfenis volgens het Nederlandse recht is op veel vlakken islamitisch gezien onacceptabel, zoals het feit dat de kinderen hun deel van de erfenis pas kunnen opeisen als de langstlevende partner is overleden (oftewel: als je vader overlijdt, krijg jij jouw deel pas als je moeder of stiefmoeder overleden is), de mogelijkheid om kinderen of echtgenoot te onterven, etc.
Het bericht Hoe wordt jouw erfenis straks verdeeld? verscheen eerst op Daliel.
]]>